

Wat betreft de terugkeer vanuit België is de vergelijking tussen de situaties van Mr. FELIX M'BABIT (gehuisvest in een LOI te Kasterlee) en Mr. BRADLEY LYONGA (10 maanden in een Rode Kruis centrum te Eeklo en 2 maanden in een LOI te Zottegem) verhelderend wat betreft de invloed die het onthaal en verblijf in België kunnen hebben op een eventuele terugkeer.
Mr. M'Babit, die goed geïntegreerd was in Vlaanderen en op een goede manier de taal had geleerd, bouwde een omvangrijk sociaal netwerk uit en had ook de tijd om rustig na te denken over zijn terugkeer. De financiële hulp van FEDASIL van 700 euro was vooral een bijkomende steun bovenop de hulp die hij kreeg van Belgische vrienden, nl. bijna 6000 euro in geld of natura: een Mini Bus in goede staat, tweedehands machines voor een bakkerij (oven, mixers) en financiële ondersteuning om een groepsgenerator te kopen. De ondersteuning van de partner bestond uit administratieve hulp voor de inklaring (douane) van het materiaal in Douala (voor een kost van 2700 euro!!), de uitwerking van een businessplan, alsook een regelmatige opvolging van de situatie ondanks de afstand tussen Bamenda en Yaoundé (bijna 7 uur onderweg voor 350 km).
M. Felix M'babit woont in het dorp Guzang op 40 km van Bamenda (Engelssprekend deel van Kameroen) op het uiteinde van een zandweg die onberijdbaar moet zijn bij hevige regenval. Elektriciteitsonderbrekingen gebeuren er regelmatig. De onmogelijkheid om een betaalbare winkelruimte te vinden in Bamenda heeft hem ertoe aangezet om het bakkersproject in zijn geboortedorp op te zetten. De beperkte bereikbaarheid en de elektriciteitsonderbrekingen zijn reële obstakels voor de levensvatbaarheid van het project. Mr. M'babit volgde in België een bakkersopleiding bij een gepensioneerde uit Kasterlee die hem onder zijn hoede had genomen tijdens zijn verblijf in België. Het brood, gemaakt dankzij het geïmporteerde materiaal uit België maar ook dankzij de traditionele bakstenen oven, is van zeer goede kwaliteit. Het wordt dankzij een netwerk van leveranciers op de moto verkocht in al de omringende dorpen en in naburige scholen.
De inkomsten zouden echter aanzienlijk hoger liggen in Bamenda, waar hij zo spoedig wil mogelijk investeren in een verkoopsdepot en waar hij zijn productie direct van de hand zou kunnen doen. Om dit te verwezenlijken heeft hij echter een groepsgenerator nodig om zich te beschermen tegen de elektriciteitsonderbrekingen en om van een continue productie verzekerd te zijn. Mr. M'babit gebruikt ook het verkoopsaspect 'Belgisch brood' om klanten aan te trekken. De kwaliteit van zijn product garandeert hem een cliënteel aan wie hij echter zelf de garantie moet kunnen geven dat hij steeds brood kan verkopen.
Onze partner M. Biack, die aanvankelijk erg sceptisch stond ten opzichte van de slaagkansen van het project, zegt onder de indruk te zijn van het gerealiseerde werk en van de energie en motivatie van de projectontwikkelaar. Hij is van plan om bij zijn terugkeer naar Yaoundé te proberen om hem toegang te verschaffen tot de voorgestelde kredieten uit organisaties zoals PAJER-U en PIASI, ondersteunende overheidsinstanties voor zelfstandige ondernemers in de stad en op het platteland.

M. Bradley Lyonga vit près de Buea, au pied du Mont Cameroun, dans la province du Sud-Ouest anglophone du Cameroun. Demandeur d’asile en Belgique, il était meneur d’une grève étudiante au Cameroun, violemment réprimée par la police. Battu, il souffre de problèmes de dos que les soins prodigués en Belgique ont atténué mais n’ont pas suffit à effacer. Sa demande d’asile rejetée, il a été très rapidement expulsé de son ILA à Zottegem et a pris sa décision de retour dans la précipitation. Après deux semaines difficiles, sans appui social, marquées par la peur d’être repris par la police, l’aide de 1400 euros (cas vulnérable) lui a permis d’ouvrir une petite échoppe qui lui génère un revenu. Il loue au moins ce local ainsi qu’une petite chambre. Il a payé pendant plusieurs mois des soins qu’il ne peut aujourd’hui plus se permettre. Banni à vie des universités camerounaises, il ne peut pas reprendre ses études de sciences politiques et obtenir son diplôme.
Malgré toutes ces difficultés, le petit commerce ouvert il y a près de 9 mois semble bien fonctionner. M. Lyonga emploie pour les travaux difficiles un jeune homme qui l’assiste quelques heures par semaine. Il met de l’argent de côté et compte louer un second local sur le bord de la route nationale afin de toucher une clientèle plus large. Là encore, Mr Biack va tenter de lui faire profiter des possibilités offertes par les agences gouvernementales d’appui aux entrepreneurs.
Dans le premier cas, l’accueil dans une structure personnalisée, en contact avec la population, a permis au migrant de se constituer un réseau local décisif dans sa réintégration. Dans le second cas, le retour brusque et précipité, difficilement préparé dans des conditions de stress et d’angoisse, aurait pu très mal se passer. Caritas souhaite insister sur la nécessité de donner aux personnes qui ont accepté le principe d’un retour volontaire la possibilité de rester dans le réseau d’accueil pendant une période raisonnable, afin de préparer efficacement leur réintégration.